Abbé Pierre
Een paar weken terug meldde de televisie het overlijden van Abbé Pierre, de Franse priester die zich het lot aantrok van de Parijse clochards en samen met hen een organisatie opzette onder de naam Emmaeus. Die organisatie is zoiets als de Kook hier in Alkmaar, maar dan uitgebreider. Het biedt zwervers een dak boven hun hoofd en zet ze aan het werk met het verzamelen van oud papier, lompen en metalen en met de verkoop van curiosa in bric á brac. Emmaeus werd/wordt gerund door clochards, met hier en daar een idealistische vrijwilliger (responsable) als sympatisant.
Lang geleden was Jack zo’n vrijwilliger die zich uit idealistische overwegingen had aangesloten bij de club van Abbé Pierre. Hij herinnert zich zijn beweegredenen nog maar al te goed. Ooit, zo dacht hij, zullen mijn kinderen vragen: “Pa, wat heb jij gedaan om de wereld te verbeteren”? En als je dan alleen aan jezelf gedacht hebt, zit je daar mooi met een mond vol tanden en word je bekeken als het sukkeltje van de dag. Hij was toen een jaar of tweeëntwintig en kinderen waren nog in geen velden of wegen te bekennen.
Inmiddels heeft hij een zoon en een dochter. Z’n dochter (bijna 14) zit naast hem op de bank als het bericht van het overlijden van Abbé Pierre op de buis verschijnt.
“Die man heb ik ooit ontmoet”, zegt hij meer tegen zichzelf dan tegen zijn dochter.
“Wie is dat dan, Pap?”
“Dat is een Franse priester die opkwam voor clochards en waar pappa een poos voor gewerkt heeft”
“Wat zijn clochards?”
“Dat zijn daklozen en zwervers”
“En daar heb jij mee gewerkt?”
“Ja”
“Pap?”
“Ja”
“Mag ik straks even naar het andere net? Daar komt Onderweg naar Morgen?”
“Tuurlijk kind”.